De opera Attima, een recensie van Marjolein Theunissen, 23 mei 2008

Door:

Bijna honderd jaar geleden werd hij  voor het eerst en slechts éénmalig opgevoerd in de Koninklijke  Schouwburg in Den Haag: ‘Attima’. De verloren gewaande partituur van dit  muziekdrama, in 1904 gecomponeerd door de Indische Nederlander Constant  van de Wall (1871-1945), ging donderdag 23 mei na bijna honderd jaar  afwezigheid opnieuw in première. Werd de opera in 1917 nog in het Frans,  de voertaal voor de betere kringen in die tijd, opgevoerd, nu zingt de  cast van amateurs en professionals in de originele Nederlandse versie. Hetzelfde theater, maar dan 91 jaar  later. De eerste klanken van Van de Wall’s ‘Attima’ weerklinken vanuit  de orkestbak van de Koninklijke Schouwburg in Den Haag. Het podium  stroomt in hoog tempo vol met in grijze kleren gehulde toeristen. Het  decor is eenvoudig: in de lucht hangen banieren met oude reclames zoals  je ze in Batavia zo’n honderd jaar geleden kon verwachten. De toeristen  worden gespeeld door amateurs die deel uitmaken van het communityproject  Attima. Dit samenwerkingsverband bracht amateurs en professionals in  allerlei gelederen samen.

‘Attima’ vertelt het verhaal van een Javaans meisje dat verliefd  wordt op de Hollandse KNIL-onderofficier Armand. Ze heeft echter jaren  eerder, toen ze nog niet wist wat het woord ‘liefde’ inhield, haar trouw  beloofd aan Kartono, een jongen uit haar gamelanorkest. Wanneer hij  hoort van haar nieuwe liefde confronteert hij haar met zijn bevindingen.  Attima bevestigt haar liefde voor Armand en besluit haar familie en  desa te verlaten. De emoties lopen hoog op en Kartono kan zijn  frustratie maar op één manier te sussen. De dood slaat echter niet één,  maar twee keer toe.

‘Attima’ is een opera in de stijl van de Italiaanse verismo. Niet  voor niets wordt Attima bestempeld als de ‘Javaanse versie van Carmen’.  De thematiek is even realistisch, maar ook de passie uit de muziek van  George Bizet klinkt door in deze compositie van Van de Wall. Sopraan  Annemarie Kremer (Attima) beleeft de emoties mee zoals de muziek klinkt.  Haar mimiek blijft heel natuurlijk en gaat, ondanks de heftige emoties  die bij afscheid nemen horen, nooit over de top. Ook de tenor Steven van  Gils, die de rol van Armand vertolkt, brengt duidelijk zijn verliefde  gevoelens over aan het publiek. Quirijn de Lang (Kartono) die de  baritonpartij voor zijn rekening neemt, is overtuigend in zijn woede en  frustratie. Zijn weerzin voor Armand is op een gegeven net zo groot als  voor Aïssa (Carina Vinke), die stiekem verliefd op hem is en de breuk  tussen hem en Attima bevordert.

‘Attima’ verrast nog wel het meest met haar prachtige muziek onder  leiding van dirigent Dick van Gasteren. Toen de antropoloog Henk Mak van Dijk in 2005 de verloren gewaande partituur ontdekte tussen de  archiefdozen in het Nederlands Muziek Instituut, hervond hij eigenlijk  een stukje Nederlandse muziekgeschiedenis. Nadat Constant van de Wall na  vierentwintig jaar verblijf in Nederland en Frankrijk, op zijn 35e weer  terugging naar zijn geboortestad Soerabaja, raakte hij in de  vergetelheid. En dat terwijl hij de eerste componist was die Javaanse  muziek- en dansinvloeden harmonieus liet samenvloeien met de westerse  klanken van een klassiek orkest. Want hoewel het stuk zich afspeelt op  Java, waar de muziekcultuur wordt gedomineerd door de traditionele  gamelan, worden zelfs die klanken gesimuleerd door westerse instrumenten  als viool en xylofoon.

Choreograaf Arnaud Kokosky Deforchaux, die gespecialiseerd is in  Balinese en Javaanse dans, heeft de cast de Javaanse dans bijgebracht.  Vooral de handbewegingen zijn daarbij essentieel. De theatrale  bewegingen van de prinses en de bosgeest uit het optredende  gamelangezelschap wekken bij het publiek het nodige gegrinnik op.

Regisseur David Prins: “We hebben met Attima een onvergetelijke reis  gemaakt die ons vanuit de archieven via dicht begroeide Javaanse  vulkaanhellingen uiteindelijk naar het Haagse Voorhout voerde.”

De heropvoering van ‘Attima’ valt samen met de vijftigste editie van  de Pasar Malam Besar op het Malieveld. Stichting Tong Tong, de  organisator van dit jaarlijks terugkerende Oost-West cultuurfestijn,  heeft samen met het Nederlands Muziek Instituut en de Koninklijke  schouwburg gezorgd voor de realisatie van ‘Attima’. Siem Boon, dochter  van festivaldirectrice Ellen Derksen, is heel enthousiast. “Ja geweldig  vond ik het. Vooral de hoofdrolspeelster deed het erg goed. En het  moment dat Attima de witte kebaja aantrekt en daarmee dus symbolisch  kiest om verder te leven als vrouw van een Nederlander, is een mooi  extraatje voor mensen die dat gebaar kennen.” Naast een tentoonstelling  die de historie van het muziekdrama in beeld brengt, worden er in de  theaters van de Pasar Malam Besar diverse lezingen, vraaggesprekken en  workshops aangaande ‘Attima’ verzorgd.

Gepubliceerd op: 23-05-2008

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s